21 juli 2009
De Hoge Raad heeft onlangs uitspraak gedaan over de mogelijkheid tot een fiscale (btw) eenheid voor de btw te vormen tussen twee stichtingen. Deze vraag werd vooral gesteld bij de voorwaarde dat de stichtingen financieel zodanig met elkaar verweven zijn dat zij een eenheid vormen voor de btw. Dat is namelijk lastig(er) aan te tonen omdat er, anders dan bij de NV of BV, geen in aandelen verdeeld kapitaal bestaat.
Volgens de rechtspraak zijn stichtingen financieel verweven indien de financiële positie en/of
gedraging van de ene stichting afhankelijk is van de andere andere. De Belastingdienst stelde dan ook immer hoge eisen aan de vastlegging van deze onderlinge afhankelijkheid. De Hoge Raad nuanceert die visie.
Achtergrond
In de onderhavige procedure speelde de volgende casus. Stichting A stelt huisvesting en onderwijzend personeel ter beschikking aan Stichting B en deze stelt het bij hen in dienst zijnde personeel ter beschikking aan A.
Het statutaire doel van B is een afgeleide van de doelstelling van A. Tenminste twee van de (maximaal) vijf bestuursleden van B worden benoemd door A en ook de statuten van B kunnen niet worden gewijzigd zonder schriftelijke goedkeuring van A. De jaarrekening van B is geïntegreerd in die van A.
Uitspraak
Tijdens de procedure zijn alle partijen het eens geworden dat er sprake is van organisatorische en economische verwevenheid voor de btw. Of er ook sprake is van financiële verwevenheid blijft een twistpunt voor de inspecteur en Stichting A. Het Hof oordeelde in het gelijk van Stichting A en meent dat diens (financiële) positie/gedrag rechtstreeks invloed heeft op die van B.
De Hoge Raad meent dat beide stichtingen een fiscale eenheid kunnen vormen voor de btw. Van belang is dat de financiële verwevenheid tussen stichtingen zoveel mogelijk op dezelfde manier wordt bepaald als die tussen ondernemers waarbij een in aandelen verdeeld kapitaal een rol speelt. Omdat A het bestuur van B kan benoemen, kan A invloed uitoefenen op de financiële positie en gedragingen van B via het financiële dienstenverkeer.
Praktijk
De financiële verwevenheid tussen stichtingen hoeft minder strikt te worden uitgelegd dan de Belastingdienst tot nu toe deed. Bij onderlinge prestaties en wederzijdse invloed op de prijsstelling, is sprake van financiële verwevenheid.