30 januari 2013
De Europese toezichthouder op verzekeraars EIOPA heeft in de laatste maanden van 2012 aangegeven dat de deadline voor implementatie van Solvency II wordt uitgesteld. En eind januari werd bekend dat EIOPA ook nog een impactstudie wil doen naar de toepassing van Solvency II op producten met langetermijngaranties. PwC verwacht dat de deadline wordt verschoven van januari 2014 naar januari 2016. Dit uitstel betekent niet dat verzekeraars achterover kunnen leunen.

'Ze hebben nu de tijd gekregen om hard te werken aan de beste oplossing', betogen Christoffel van Riet en Tarik Günay van PwC’s Technology Advisory.
Solvency II is het nieuwe toezichtregime voor de ongeveer 3500 Europese (her)verzekeraars én bijvoorbeeld ook Amerikaanse verzekeringsinstellingen met een juridische entiteit in Europa. Het legt geheel nieuwe en verregaande eisen op aan het vereiste kapitaal, risicomanagement en aan rapportages. Vooral het verbeteren en versnellen van die rapportages - pijler 3 in de wetgeving - zal een grote technologische impact hebben.
Eén diskette naar de Verzekeringskamer
‘Het Solvency-regime schrijft ondermeer voor dat verzekeraars elk kwartaal, binnen vijf weken, zo’n zestig tot tachtig rapporten moeten produceren’, legt Günay uit. ‘Veel van die rapporteren zijn erg complex of lang. Wij komen rapporten tegen die miljoenen regels tellen. Al die data moet accuraat worden verwerkt; elk element moet traceerbaar zijn naar de bron en er moet een eigenaar aan vast zitten. In 2000 werkte ik nog met de Nederlandse voorloper van Solvency. Verzekeraars moesten toen één diskette opleveren aan de Verzekeringskamer. Het verschil is immens.’
‘Er is dus een grondige herinrichting van de rapportagearchitectuur en -functie nodig’, stelt Van Riet. ‘In een ideale situatie worden gegevens vanuit alle bronsystemen binnen de verzekeringsinstelling verzameld in één analytical datawarehouse, zodat vervolgens allerlei aanpalende systemen [zoals riskmodules en actuariële engines] daarop hun berekeningen kunnen uitvoeren. En die uitkomsten worden dan ook weer op deze locatie opgeslagen en verder verwerkt door consolidatie en andere berekeningen.’
Dit analytical datawarehouse kan dan fungeren als the single source of truth, omdat het wordt gebruikt voor verschillende rapportagedoeleinden en er alle informatie wordt opgeslagen (zowel de ruwe data als tot informatie verwerkte data).
Professionalisering van de rapportagefunctie
Veel grote verzekeraars hadden door de deadline van januari 2014 niet meer voldoende tijd om zo’n complex datawarehouse op te zetten. Van Riet: ‘We verwachten dat de vraag naar analytical datawarehouses nu zal toenemen. Maar ook nu de deadline waarschijnlijk twee jaar wordt opgeschoven, zal het een grote opgave blijven op tijd zo’n datawarehouse succesvol in te richten. Het vergt een omslag van persoonsgedreven naar geautomatiseerde rapportage en vooral ook een verdere professionalisering en groei in het volwassenheidsniveau van de rapportagefunctie.’
Günay adviseert verzekeraars een rapportagearchitectuur te ontwerpen waarover ze over twee a drie jaar willen beschikken. ‘Vul vanuit die architectuur de stappen in die je daarvoor moet ondernemen. Zorg dat je vervolgens de rapportagestraat zo snel mogelijk in orde brengt. Dit omdat je nog zeker een jaar nodig hebt om de kwaliteit van de data die daar doorheen gaat stromen te verbeteren. Parallel daaraan loopt de verbetering van het rapportageproces. Dat moet terug worden gebracht tot vijf weken, terwijl veel verzekeraars nu nog veel meer tijd nodig hebben.’
Alle verzekeraars gaan de Solvency-deadline halen
Van Riet verwacht dat uiteindelijk alle verzekeraars de deadline zullen halen. ‘De basis is dat je als verzekeraar solvabel moet zijn, dat je scherp inzicht hebt in de risico’s die verbonden zijn aan de portfolio’s. En hoe eerder je als verzekeraar je zaken op orde hebt, hoe prettiger het contact is met de toezichthouder, de aandeelhouders en uiteindelijk de klanten. De meeste verzekeraars zien dat ook zo. Daarnaast willen de toezichthouders ook tussentijdse resultaten zien, daarmee stimuleren ze gericht eventuele achterblijvers.’
Overigens zijn een aantal Nederlandse verzekeraars minder blij met het uitstel van de deadline. Zij willen liever dat de Nederlandsche Bank de druk op de ketel houdt en dus in ieder geval voor Nederland vasthoudt aan 2014. Van Riet: ‘Nederlandse verzekeraars zitten over het algemeen goed in hun reserves, dus we verwachten ook geen fundamentele problemen. Toch is het goed om de tijd te nemen. Zolang robuuste systemen die, ondersteund door soepele processen, elke keer op tijd de juiste informatie opleveren nog een uitzondering zijn, heeft Solvency II nog niet haar doel bereikt.’
Rest van de wereld neemt Solvency II over
Wat deze Europese regelgeving al wel doet, is doordringen tot de rest van de wereld. Solvabiliteit en duidelijke rapportage daarover hebben een positieve uitwerking op de waarde van een verzekeraar. De kracht van deze bewuste bekwaamheid wordt ondermeer ook door Zuid-Afrika, Zwitserland en een flink aantal Latijns-Amerikaanse landen herkend. Zij namen de vereisten van Solvency II al over. Daarnaast hebben ook China en India aangekondigd het regime te willen overnemen.
Günay: ‘Dat betekent dat het een wereldstandaard aan het worden is. En ook in landen waar door de regelgever geen solvabiliteitsverplichting wordt opgelegd, kunnen verzekeraars er voor kiezen om er toch aan te voldoen. Als hun Solvency Capital Requirement goed is, helpt dat de waarde van dat bedrijf te verbeteren of een eventuele beursgang eerder mogelijk te maken. Je bent dan namelijk een toekomstvaste verzekeraar.’
Lees ook het artikel ‘Solvency II vereist industrialisatie en flexibilisering van de rapportagefunctie ‘ in Spotlight, het vaktechnisch magazine van PwC-accountants, te downloaden via de link aan de rechterkant van deze tekst.