22 januari 2009
De verpakkingenbelasting is een draak van een heffing. De uitvoering dient te geschieden 'langs de lijnen van het horizontale toezicht' en daarmee dreigt horizontaal toezicht te verworden tot lapmiddel voor slechte wetgeving.
Dat stellen Danny van den Berg en Eelco van der Enden, beiden werkzaam bij PricewaterhouseCoopers (PwC), in onder meer Het Financieele Dagblad. Zij constateren dat staatssecretaris van Financiƫn de noodzaak tot vereenvoudiging inmiddels heeft onderkend en via het Belastingplan wijzigingsvoorstellen heeft ingediend. 'Maar de handreiking van de staatssecretaris is weliswaar bemoedigend, maar beter is het ten halve te keren dan ten hele te dwalen. Slechte fiscale wetgeving werkt systeemontwrichtend en polariserend. Horizontaal toezicht is niet bedoeld als lapmiddel voor slechte wetgeving.'
Onuitvoerbaar
'Deze verpakkingenbelasting heeft als doel het gebruik van milieuonvriendelijke verpakkingen die in de afvalstroom komen, te belasten', aldus Van den Berg en Van van der Enden. 'Dat klinkt sympathiek, maar is in de huidige vorm praktisch onuitvoerbaar. Neem de volgende voorbeelden. Een koektrommel die te koop wordt aangeboden met koekjes erin is een verpakkingsmiddel, terwijl een losse koektrommel niet als zodanig wordt gekwalificeerd. Een 'wegwerpaansteker' is een verpakking van het product gas en valt dus wel onder de heffing. Evenals een vooraf gevulde injectiespuit. Een verfdoos bevat verschillende producten die gescheiden worden belast - en de doos zelf natuurlijk ook. Hoe gaan ondernemer en Belastingdienst deze wetgeving uitvoeren en controleren?'
Eenvoud
'Nu is besloten dat bij de uitvoering van verpakkingenbelasting dient te worden gewerkt langs de lijnen van horizontaal toezicht. Eenvoud in uitvoering en samenwerking met het bedrijfsleven staan daarbij voorop. De Belastingdienst maakt in overleg met de belastingplichtige afspraken over de uitvoering van verpakkingenbelasting, aldus de staatssecretaris. Wat betekent dit in de praktijk? Horizontaal toezicht is de nieuwe werkwijze van de Belastingdienst ten aanzien van handhaving van fiscale wet- en regelgeving. De Belastingdienst gaat uit van de betrouwbaarheid van de onderneming. De onderneming toont aan betrouwbaar te zijn door inzicht te geven in de wijze waarop de fiscale processen zijn ingericht en de naleving van fiscale regels intern wordt gecontroleerd. Dit raamwerk noemen we het tax control framework.'
Gezamenlijk
'Helaas is de verpakkingenbelasting zodanig onuitvoerbaar dat het in de praktijk onmogelijk is voor ondernemingen een controleerbaar raamwerk rondom deze belasting te bouwen. Dat betekent dat de Belastingdienst en de belastingplichtige in onderling overleg dus maar heldere werkafspraken moeten gaan maken. Het kan dus niet meer zo zijn dat evident ondeugdelijke wetgeving wordt ingevoerd en dat ondernemer en Belastingdienst het vervolgens mogen uitzoeken. De wetgever, Belastingdienst en belastingplichtigen hebben hier een gezamenlijke verantwoordelijkheid.'