Algemeen

9 oktober 2009

Voorzichtig optimisme Europese beursgangen

Het aantal Europese beursgangen neemt na een aantal tegenvallende kwartalen voorzichtig toe.

Dit blijkt uit de laatste IPO Watch Europe van accountants- en adviesorganisatie PricewaterhouseCoopers (PwC). In het derde kwartaal, traditiegetrouw een rustige periode, waren er 44 beursgangen te noteren met een totale waarde van 1,8 miljard euro. In het tweede kwartaal waren er 28 IPO’s met een waarde van 456 miljoen euro. Ten opzichte van het derde kwartaal 2008, totale waarde van 1,6 miljard euro, is dit een vooruitgang.

Meer vertrouwen

De groei in IPO-activiteit heeft voornamelijk te maken met de investeerders die langzaam meer vertrouwen krijgen in beursgangen. In het eerste half jaar belegden zij vooral hun geld in ‘secondary offerings’ om hun balans te sterken. De cijfers zijn echter nog erg laag vergeleken met de periode voor de crisis. Het derde kwartaal van 2007 kende namelijk nog 183 beursgangen met een totale waarde van 12,8 miljard euro.

Instabiel

Martin Coenen, partner bij PricewaterhouseCoopers: 'Als we kijken naar de afgelopen periode en de signalen die we krijgen van klanten, kunnen we spreken van een voorzichtig optimisme aangaande beursgangen. Het is echter moeilijk om een voorspelling te doen over de toekomst, omdat de economie nog instabiel is. Maar investeerders worden positiever en verschillende private-equitypartijen overwegen een beursgang voor een of meerdere van hun participaties. Deze signalen doen ons geloven dat het eerste half jaar van 2010 beter wordt. We adviseren bedrijven met beursplannen dan ook snel met de voorbereidingen voor een IPO te beginnen om de concurrentie voor te zijn.'

Sterk opgelopen

Er waren 35 procent minder beursgangen als naar de cijfers van dezelfde periode vorig jaar wordt gekeken. De waarde steeg wel met twaalf procent, doordat het gemiddelde opgehaalde geld per beursgang sterk is opgelopen vergeleken met het derde kwartaal van 2008 (67 procent) en het tweede kwartaal van 2009 (162 procent). De vijf grootste beursgangen waren goed voor 81 procent van het totaal opgehaalde geld. Internationale noteringen voerden de boventoon en waren goed voor 97 procent van de totale waarde. De dertien internationale IPO’s haalden in totaal 1,7 miljard euro op.

De Londense beurs bleef in IPO-waarde de grootste met 873 miljoen euro die werd opgehaald met vijf beursgangen. Tevens werd de grootste IPO op deze beurs genoteerd, namelijk die van het Russische energiebedrijf Rushydro. Die bracht 424 miljoen euro op. De tweede plaats wordt ingenomen door het Indiase staalproductie bedrijf Tata Steel. Met deze beursgang werd 355 miljoen euro opgehaald met een notering aan de Londense beurs.

Amsterdam

De op twee-na-grootste beursgang was op de Luxemburgse beurs. De Taiwanese verzekeraar Shin Kong Financiel Holding Co. haalde 266 miljoen euro op. De beurs in Luxemburg was nummer twee in termen van opgehaald geld met beursgangen en de Noorse Oslo Exess eidigde op de derde plaats. De NYSE, waar ook de Amsterdamse beurs deel van uitmaakt, eindigde op de eerste plek als er gekeken wordt naar het aantal beursgangen. Echter werd hiermee slechts één miljoen euro opgehaald.

De Amerikaanse beurzen kenden een toename in nieuwe beursnoteringen met in totaal twintig IPO’s die in totaal goed waren voor vier miljard euro. In dezelfde periode vorig jaar werd er 935 miljoen euro opgehaald met elf beursintroducties. Er kwamen vijf internationale noteringen bij, vier uit China en één uit Hong Kong, die in totaal goed waren voor 778 miljoen euro. In Rusland was er geen activiteit te rapporten.


 


© 2006-2007 PricewaterhouseCoopers. All rights reserved. PricewaterhouseCoopers refers to the network of member firms of PricewaterhouseCoopers International Limited, each of which is a separate and independent legal entity.