23 november 2011
Door de economische onzekerheid overwegen veel bedrijven om geen voorspellingen te doen. De markt prikt hier echter genadeloos doorheen.
Een radiostilte over de te verwachten bedrijfsresultaten is niet slim, zegt 94 procent van de beleggers en analisten in een onderzoek van PwC en Rotterdam School of Management (RSM). Zwijgen schaadt het vertrouwen van analisten en beleggers in zowel de onderneming als bestuurder en leidt tot lagere koersen. De resultaten van het analistenonderzoek worden vandaag door PwC gepresenteerd op een seminar voor bestuurders en analisten.
Minder vertrouwen in stille onderneming
Erik Roelofsen, hoogleraar kapitaalmarktcommunicatie aan RSM en director bij PwC: 'We weten dat ondernemingen die stoppen met het geven van voorspellingen, dat vaak doen omdat zij slecht nieuws hebben. Zes op de tien analisten heeft dan ook minder vertrouwen in ondernemingen die geen voorspellingen geven dan in ondernemingen die dit wel doen. Ook zullen ze eerder een positief koopadvies geven voor ondernemingen die voorspellingen doen, zelfs als ze denken dat de waarde van de ondernemingen ten opzichte van de prijs vergelijkbaar is.'
Een derde van de analisten vindt zelfs dat ondernemingen die geen voorspellingen doen een lagere koers moeten krijgen en die dat wel doen een hogere. Dit sluit aan bij eerder onderzoek van RSM, waaruit blijkt dat het niet beantwoorden van vragen de koers flink kan drukken.
Dilemma voor bestuurders
Nu de economie onzeker is, overwegen veel bestuurders om te stoppen met het geven van verwachtingen, met name winstverwachtingen. Er is ook kritiek dat het geven van korte termijn verwachtingen te veel leidt tot kortzichtigheid van het bestuur. Roelofsen: 'Het is een lastig dilemma voor bestuurders. Voorspellingen kunnen het vertrouwen verhogen, anderzijds worden ze er op afgerekend.'
Analisten zelf twijfelen veel minder, ook als zij in de schoenen van de bestuurder zouden staan. Slechts 6 procent zou in deze markt stoppen met het geven van winstverwachtingen. Driekwart heeft er dan ook geen begrip voor dat ondernemingen door de economische onzekerheid minder open zijn.
Volgens Roelofsen kunnen ondernemingen dan ook maar beter voorspellingen blijven doen, maar daarbij focussen op de lange termijn en meer inzicht geven in de factoren waarop die voorspellingen zijn gebaseerd. 'Daarmee behouden bestuurders het vertrouwen van beleggers en kunnen zij het toch uitleggen als de toekomst anders uitpakt. Stoppen met het communiceren van vooruitzichten is bijna altijd slecht. Gemiddeld daalt de koers direct met ruim 5 procent.'
Lekken van verwachtingen
Analisten en beleggers zijn ook bang dat bestuurders in besloten kring wél een blik op de toekomst werpen. Met andere woorden, de verwachtingen lekken toch. Roelofsen: 'Dat hoeft niet eens bewust te gebeuren. Uit een eerdere meting blijkt dat analisten en beleggers heel goed in staat zijn om non-verbale signalen op te pikken in een gesprek met het bestuur. Ze zien dit als een probleem, omdat het onderlinge ongelijkheid creëert. Meer dan 60 procent vindt dat toezichthouders daar juist nu meer op zouden moeten letten.'
Moeten ondernemingen dan maar altijd voorspellingen geven? Nee, dat is niet altijd goed. Roelofsen: 'Als in het verleden de voorspellingen van het management vaak slechter waren dan die van analisten, kan men maar beter niets zeggen. Dat klinkt misschien onwaarschijnlijk, maar in een kwart van de gevallen blijken analisten beter te voorspellen dan bestuurders.'